Als ik iets heb geleerd in al die jaren, dan is het wel om anderen te vergeven. Woede en zelfs haat met je meedragen heeft niet zozeer gevolgen voor degene waar je zo boos op bent, maar vooral voor jezelf.

Ik ben begonnen met het vergeven van mezelf. Ik heb niet altijd de meest slimme (of eigenlijk gewoon heel domme) keuzes gemaakt. Ik heb fouten gemaakt als mens, als vriendin, en als moeder. Ik heb me dit jarenlang kwalijk genomen. Ik kon mezelf niet vergeven en ik was zo boos. Deze woede straalde ik uit naar mensen die veel voor me betekenden.

Toen ik mezelf eenmaal vergeven had, werd het makkelijker om anderen te vergeven. Ik besefte me dat ik wellicht geen controle kon uitoefenen op het handelen van anderen, maar dat ik zeker wel invloed heb op mijn eigen gedachten, gevoelens en handelen. Ik wilde niet boos zijn. Achter woede verschuilt namelijk een pijn, een pijn die ondraaglijk kan zijn.

Boos zijn maakt van jou een verbitterd persoon. Je legt minder goed contact met anderen omdat je altijd een defensieve houding aanneemt. Woede vergiftigt jou als persoon. De ander gaat vaak gewoon door met zijn leven en is helemaal niet meer zo met jou en jouw verdriet en woede bezig. Het is vooral belangrijk voor jezelf om los te laten en de kracht te vinden om de ander te vergeven. Vergeven betekent niet dat ie naïef of zwak bent, het betekent juist dat je sterk bent. Je vergeet niet wat de ander heeft gedaan, maar je leert om de ander niet meer de macht te geven om jouw leven op wat voor manier dan ook te beïnvloeden.

20140310-091611.jpg